Activisme met een bekakte R
Mijn klassieke koor gaat binnenkort op tournee met Hang Youth.
Klassiek, meestal. Veel amen in ieder geval. Af en toe een Latijns woord waarvan niemand precies weet wat het betekent, maar dat wel (bijna altijd) prachtig klinkt als je het met veertig mensen tegelijk zingt. De optredens zijn meestal in een kerk. Niet uit overtuiging, maar omdat koormuziek daar simpelweg het mooist klinkt. Van die veertig mensen zijn er volgens mij drie die daadwerkelijk in God geloven.
Geen probleem. Ik zing graag over schaapjes en een licht waar we allemaal naartoe gaan.
Hoewel we dezelfde noten zingen, zou het je verbazen hoe verschillend de mensen zijn. Op het eerste gezicht zijn we een vrij voorspelbare groep: opgeleid, wit, behoorlijk wat zwangeren en een handjevol queers. Maar als je iets beter kijkt, blijkt het een wonderlijke menselijke grabbelton.
Normaal gesproken hebben we ’t daar niet zo veel over. Totdat iemand voorstelde om Hang Youth te zingen. Wat begon als een uit de hand gelopen grap, is inmiddels zo serieus geworden dat we binnenkort met hen op tournee gaan. Kkvet, aldus een van de tenoren.
Ineens stonden er mensen die maandag keurig naar hun werk gaan uit volle borst te zingen dat de belastingdienst kanker krom is. Mensen met een leaseauto, een hypotheek en die tijdens de pauze zelfgebakken haverkoekjes uitdelen.
Na de repetitie hadden we het erover. Want Hang Youth kreeg ooit kritiek toen hun muziek op Spotify verscheen. Fans van het eerste uur konden dat niet verkroppen. Je kunt niet kk hard tegen een systeem aanschoppen als je er ondertussen aan meedoet. Ook al is het maar een klein beetje.
Dat is ongeveer hetzelfde argument als zeggen dat je geen protestlied mag zingen als je onderweg naar de repetitie in een dieselbus hebt gezeten. Of dat je geen nummer over de mode-industrie mag zingen als je daarna de Uniqlo induikt omdat je voor een optreden spierwitte kleding nodig hebt in dertig graden.
Alsof muziek een beleidsdocument is.
Niemand vraagt zich af of Kelis werkelijk een milkshake had die jongens naar haar tuin lokte. Niemand ligt wakker van de vraag of R. Kelly daadwerkelijk kon vliegen. Maar bij protestmuziek verwachten we ineens een sluitende administratie?
Terwijl muziek juist een plek is waar je kunt onderzoeken, verlangen, overdrijven, schoppen, dromen en soms gewoon hardop zeggen wat je kut vindt.
Oké, het gaat ons waarschijnlijk nie lukken om als koor voor Hang Youth de revolutie ontketenen: we zijn geen anarchisten. We betalen contributie. Er is een bestuur. Er wordt vergaderd. Er is zelfs een Excelbestand. En we luisteren braaf naar iemand die met één handbeweging veertig volwassenen ‘stil’ krijgt.
Maar als je goed kijkt, heeft bijna iedereen wel ergens een klein protest lopen. Gewoon door het leven te leven.
Een huis kopen met vrienden. Geen kinderen nemen. Juist wel kinderen nemen. Poly. LAT. Co-triangels. Liefdesvierkanten. Do re mi fa sol. Een XR-rebel. Een buurtmoestuin. Vegans. Een vakbond. Vrijwilligerswerk. Honden van de straat of uit het asiel.
Het is het soort activisme dat niet snel op een spandoek terechtkomt. Het soort activisme dat een haverkoekje in de pauze verdient. En het soort activisme dat vanaf nu op een podium mee mag zingen dat alles kankerduur is. Met een bekakte r.
Alsof je pas ergens over mag zingen als je zelf volledig zuiver bent.
Dat is voor een koor sowieso een riskant uitgangspunt.